Nota Grondbeleid

donderdag 05 maart 2026 08:05

In de vorige raad van eind januari staakten de stemmen over het raadsvoorstel Nota Grondbeleid omdat de stemming van ons amendement een gelijke uitkomst gaf. Daarmee komt zo’n onderwerp automatisch terug op de eerstvolgende raad, maar niet meer om te bespreken. Alleen om over te stemmen.

Het amendement ging over de vraag wie de zogenaamde Grondprijzenbrief vaststelt. Het college vind dat dit een collegebevoegdheid is omdat het college bevoegd is om privaatrechtelijke overeenkomsten te sluiten. Wij zijn van mening dat de grondprijzenbrief eerder een soort prijslijst is en vergelijkbaar met de Legestarieven door de raad vastgesteld moet worden.

Vooruitlopend op de raadsvergadering stuurde het college een notitie van de huisadvocaat om aan te tonen dat het een collegebevoegdheid is. Het verweer vonden zij niet heel sterk.

Wij betwisten niet dat het college de bevoegdheid heeft om overeenkomsten aan te gaan en daarbij grondprijzen vast te stellen. Net zo goed als we niet betwisten dat het college kan vaststellen wat de leges zullen zijn die bij een vergunningsaanvraag in rekening gebracht worden. Maar dat doet ze via de DOOR DE RAAD vastgestelde tarieven. Dat is dus de kaderstellende rol van de raad. Analoog daaraan kan het college dus een verkoopovereenkomst over (snipper)groen aangaan op basis van de tarieven in de grondprijsbrief. Die grondprijsbrief is wat ons betreft dus een kaderstelling en kan daarom prima door de raad vastgesteld worden.

Het feit dat in andere gemeenten de raad dat aan het college laat, lijkt me geen sterk argument.

Het verweer dat de raad andere kaderstellende mogelijkheden heeft (waarbij expliciet de begroting wordt genoemd) snijdt wat mij betreft geen hout. Nergens in de begroting stellen we kaders over de prijsstelling van te verkopen grond. Natuurlijk kunnen we dat wel gaan doen, de advocaat suggereert dat ook met zoveel woorden onder punt 9 in zijn notitie, maar dan zie ik niet het verschil tussen het, door de raad, vaststellen van grondprijzen in de begrotings-paragraaf Grondbeleid of het, door de raad, vaststellen van een grondprijsbrief. Feitelijk doe je dan hetzelfde en is het daarmee dus een raadsbevoegdheid.

Het college hield voet bij stuk en gaf aan een aangenomen besluit voor vernietiging voor te dragen omdat die niet rechtsgeldig zou zijn. Nu kun je dit enorm op de spits drijven, maar materieel is het geen spannend onderwerp. De bedragen zijn gering en de financiële impact op de totale begroting ook. Dus hebben we het in overleg om gezet in een motie waarin het college wordt opgedragen voor het vaststellen van de grondprijzenbrief de raadsfracties in de gelegenheid te stellen daar een zienswijze op in te dienen. Met uitzondering van de VVD hebben alle fracties daar mee ingestemd.

Labels

« Terug